Hypeocratie

Uitgesteld

Een blanke, in een gekleurde wereld

Uitgesteld

2013: het jaar dat ik oud werd

Afgelopen zaterdag waren we in het Nederlands Openluchtmuseum, een museum dat om de paar jaar op ons lijstje staat. Op het terrein ligt een trambaan waar de oude trams nog hun tevreden rondjes draaien. Dit keer stond er geen oude tram te wachten maar de zeer herkenbare groen-witte tram van de RET waar ik, voor mijn gevoel, gister nog mee naar mijn middelbare school was gereden. Zelfs het lijnnummer klopte, lijn 5. Dit type tram reed tot 1985 in Rotterdam wist de vriendelijke museumconducteur te vertellen. En dat was niet de enige nagel die in mijn doodskist werd geslagen die zaterdag. Bij een aantal Amsterdamse pandjes stond een oude reclamezuil met posters van een demonstratie die, in mijn beleving, toch niet zo heel lang geleden was. In de Tilburgse arbeiderswoningen stonden meubels en spullen die in de jaren 70 ook in Rotterdam, in ons huis, te vinden waren. Inclusief een kinderwagen die mij maar al te bekend voor kwam. Het was een vreemde gewaarwording om de actualiteit van het leven opgenomen te zien in de verstilde musealiteit. Opnieuw dook een gedachte op die de rode draad genoemd kan worden van 2013: “Je begint oud te worden Jan.” Het was een bijzonder jaar.

2013: het jaar van de vrije wil

Een van mijn motto’s luidt: “Het leven is een verzameling fragmenten. Het is aan ons om het verhaal te schrijven”. Wat we meemaken in het leven is slechts tot op zekere hoogte te beïnvloeden. Hoe we met de gebeurtenissen, ongeacht of we daar zelf voor hebben gekozen of dat ze ons overkomen, omgaan is een product van vrije keuze, een keuze binnen de mogelijkheden die ons ter beschikking staan als resultante van onze talenten, ervaringen, emoties et cetera. Ik geloof niet in een voorbestemming, in een onafwendbaar noodlot. Predestinatie is een menselijk prisma waardoor je de fragmenten in een negatief narratief gaat plaatsen. Ik heb daar niks mee. Ik geloof in de vrije wil als fundament van het menselijk bestaan. De vrije wil staat in de kern van mijn geloofsovertuiging samen met de notie van persoonlijke verantwoordelijkheid en het van daaruit vorm geven van mijn maatschappelijke betrokkenheid. Dit is mijn prisma en het zorgt voor een positief narratief.

In 2013 kreeg ik dit prisma, dit besef, scherp op mijn netvlies. Het werd in de positieve zin scherp bij het voorbereiden van de lezing “Voet tussen de deur van het geweten”, bij de gesprekken met Pleegzorg over onze “geschiktheid” als pleegouders en bij het schrijven van Hypeocratie. Het werd ook op scherp gezet door een kinderrechter die absoluut niet blij was dat Jeugdzorg een 16-jarig meisje (zelf ook Jehovah’s Getuige) in een pleeggezin van Jehovah’s Getuigen had geplaatst, een voorkeur van het meisje zelf. Ik was, ben, nog behoorlijk boos op de rechter, haar houding en haar niet uitgesproken mening dat een meisje van 16 ten aanzien van haar religieuze voorkeur geen eigen wil mag hebben. Maar goed, het was onderdeel van een belangrijke verhaallijn, de lijn van de vrije wil, persoonlijke verantwoordelijkheid en maatschappelijke betrokkenheid.

2013: het jaar van de creatieve (en commerciële) destructie en vernieuwing

In 2012 was ik vooral bezig met Bring your own device, het boek, de website en lezing na lezing. In het eerste kwartaal van 2013 liep dat lekker door, met een aantal zakelijke aanbiedingen om namens commerciële partijen het onderwerp verder uit te werken. Ik heb die aanbiedingen, na veel wikken en wegen, afgeslagen. De belangrijkste reden was dat ik nu echt aan de slag wilde met Hypeocratie, dat ik daar mentaal de ruimte voor nodig heb. Daarnaast merk ik dat veel waarde hecht aan mijn “status” als onafhankelijke “deskundige”, als iemand die niet gebonden is aan commerciële belangen. Echt rijk zal ik niet worden met zo’n houding, maar ik ben ook niet gaan schrijven om rijk te worden. Het voelde wel als het vernietigen van een stuk extra inkomen, want na Q1 werd het commercieel een heel stuk rustiger.

HCC

Het maken van ruimte voor Hypeocratie betekende ook het afscheid nemen van mijn actieve betrokkenheid bij de HCC. In 2013 zat ik in een taskforce om scenario’s voor de toekomst van de HCC uit te werken. Ik ga niet in op onze adviezen en hoe het daar verder mee is gegaan binnen de verschillende gremia. Alle bewondering voor Arda Gerkens en haar inzet om de HCC een overlevingskans te geven, ondanks de hufterige behandeling die ze daarvoor van -mijns inziens- te veel oude, grijze mannen moet doorstaan. De zoveelste constatering dat dergelijke hufterigheid door andere oude, grijze mannen werd afgedekt met de opmerking: “Ach ja, je weet hoe hij is” was voor mij het moment om een streep onder actieve inzet voor de HCC te zetten. Er zijn veel goede mensen aan het werk in de vereniging en ik zie de HCC graag een centrale rol spelen in het debat over digitale geletterdheid, een rol waar ze alles voor in huis heeft. Maar het werk van de goede vrijwilligers wordt gefrustreerd door een klein, zuur gezelschap met te veel nostalgie naar een HCC-tijd die gekoesterd mag worden, maar niet meer terug komt. Ik besloot dit jaar om geen positieve energie meer kwijt te raken aan het bepleiten van meer constructieve en fatsoenlijke omgangsvormen in de bestuurlijke gremia van de HCC. Na het opleveren van de rapportage van de taskforce stopte ik met mijn werkzaamheden voor de HCC, inclusief de Programmaraad. Ik ben nu slapend lid en wacht af hoe de HCC zich verder gaat ontwikkelen. Het overnemen en verder uitgeven van PC-Active lijkt een goede zet. En voor mij is het erg rustig.

Open standaarden, open onderwijs

Na een zoveelste column over het schrijnende gebrek open source en open standaarden in het Nederlandse onderwijs en het uitlichten van het Magister/ Silverlight-probleem ontstond eind 2011 de campagne Open Onderwijstoegang. Ruim twee jaar na de start van die campagne, met al haar ups en downs, ligt er een uitspraak van de minister van Onderwijs dat open standaarden leidend moeten zijn voor onderwijsinstellingen, is er eindelijk een onderzoek gedaan naar hoe in het inkoopbeleid open standaarden een plaats hebben (of niet), gaat het ministerie leunen op de educatieve leveranciers om aan het open standaardenbeleid te voldoen en krijgen scholen die Magister/ Silverlight draaien de plicht een open alternatief aan te bieden. Waar ik in 2011 en 2012 (nominatie van Magister voor de Webrazzies) meer een publiek gezicht had, ben ik 2013 meer op de achtergrond bezig geweest. Ik was vooral bezig rond het thema Digitale geletterdheid (inclusief digitale duurzaamheid en kennisdeling) en werd vlak voor de zomer uitgenodigd om over dat thema met de Tweede Kamer van gedachten te wisselen. In mijn position paper besprak ik de noodzaak van een educatieve technologiearchitectuur:

Het eerste punt, de educatieve technologie-architectuur en -infrastructuur, is wat lastiger maar komt er op neer dat we onderwijsinstellingen voorzien van een blauwdruk en raamwerk met verplichte richtlijnen voor de verdere ontwikkeling van ICT-omgevingen (doen) die in staat zijn om nieuwe technologieën op relatief korte termijn en tegen relatief lagere kosten te incorporeren. Nieuwe technologieën die bijvoorbeeld niet goed integreren met andere technologieën, die educatieve content opsluiten in leveranciersspecifieke ‘containers’ (hardware, software, formaten, diensten) en/of de vrijheid van technologiekeuze van ouders en leerlingen beperken zouden niet langer toegestaan mogen zijn (niet doen).

Oftewel, een pleidooi voor open standaarden. Tal van anderen zijn gedurende 2013 op bezoek gegaan bij Tweede Kamerleden om over het probleem van open standaarden in het onderwijs te praten. Kevin Keijzer schreef een open brief waarin hij vertelde over zijn problemen om in Nederlands hoger onderwijs te volgen zonder gebruik te maken van gesloten software. Zijn verhaal gaf een persoonlijk gezicht aan een van de centrale boodschappen van de campagne Open Onderwijstoegang dat leerlingen op dit moment buitengesloten worden van volledige en volwaardige deelname aan het onderwijs. Op meerdere scholen hebben ouders het probleem van Magister/ Silverlight aangekaart binnen de medezeggenschapsorganen. Alles bij elkaar zijn in de afgelopen twee jaar tientallen prikken en klappen uitgedeeld en zijn we er als collectief in geslaagd eindelijk een positieve uitspraak van de minister van Onderwijs te krijgen. Nu alleen nog de uitwerking in de praktijk bewaken!

Windows 8 en Office 365

Het was niet allemaal Open ICT aan mijn kant. Bijna 2,5 jaar geleden ben ik bij mijn huidige werkgever begonnen om input te geven op het gebied van open source en open standaarden, met als grootste klus het uitwerken van een (omvangrijke) business case rond kantoorautomatisering (desktop, officesuite, mail, collaboration, virtualisatie). In 2012 werd het open sourcebeleid stopgezet en moest ik een antwoord geven op de vraag: “Hoe verder?”. ONVZ heeft me veel ruimte gegeven dat antwoord te zoeken en in het afgelopen jaar ook te vinden. Mijn takenpakket laat zich omschrijven als “digital officer” en omvat innovatie, trendwatching, communicatie, het vertalen van de vraag vanuit de business naar IT-projecten en omgekeerd.

De grootste klus was de migratie van Windows XP en Office 2003 naar Windows 8 en Office 2013. Binnen het project was ik verantwoordelijk voor planning, training en communicatie. We hebben de migratie doorgevoerd in de drukste periode van het jaar voor een zorgverzekeraar en het is vrijwel rimpelloos geland bij de eindgebruikers. Nee, het was geen open source, maar ik vond het heerlijk om te doen. Volgend jaar ben ik betrokken bij projecten die Office 365 uitnutten. En, het project heeft het enige boekje voor dit jaar opgeleverd: “Aan de slag met Windows 8 en Office 2013”, een interne publicatie waar ik best wel trots op ben.

Dus, Jan is overgegaan naar de “dark side”? Wat denk je zelf ;-)?

Hypeocreatie en NaNoWriMo 2013

Zoals hierboven valt te lezen heb ik veel opzij geschoven om eindelijks eens tijd te hebben voor Hypeocratie. Er lag al een tijdje een idee voor een boek over technologietrends en de vraag: “Waarom begrijpen we technologie niet?”, met de werktitel “Technology Barriers”. In 2013 moest het er eindelijk maar van komen. Goed, de publicatiedatum is vanwege het pleegouderschap verschoven naar 2014. Maar er zit schot in.

Ik ben begonnen met het volgen en duiden van de belangrijkste technologietrends van het moment (is het al opgevallen hoe open ICT daar een centrale rol in speelt). In november participeerde ik in NaNoWriMo, een maand “free flow” schrijven. Gaandeweg de maand veranderde Hypeocratie van karakter, van een boek over technologietrends in een boek over vrije wil en de relatie mens, maatschappij en technologie. Hypeocratie is straks een serie verkenningen, een combinatie van filosofie, technologie- en maatschappijkritiek en concrete handvatten voor digitale geletterdheid, voor het beoordelen en wegen van technologische innovaties en voor verbetering van het onderwijs.

Na Hypeocratie ga ik verder met “Digital Basics” en de Basiscursus Scribus, Inkscape en GIMP. Vlak voor het einde van 2013 heb ik een projectvoorstel ingediend rond het verbeteren van digitale geletterdheid in het MBO 1 en 2. De eerste reacties zijn goed, maar het is wachten op het groene licht. Het project vloeit direct voort uit Hypeocratie, het is een praktische vertaling ervan.

2013: het jaar dat ik oud werd

Het was een bijzonder jaar. In augustus werden Agnes en ik pleegouders van een meisje van 16 jaar. De afgelopen maanden waren intens. Soms een emotionele achtbaan, soms een hoop stress, soms erg vermoeiend, maar absoluut een mooie en bijzondere periode. Met een minpuntje: ik ben me echt oud gaan voelen ;-). Ik ben 30 jaar ouder dan onze pleegdochter en dat merk je op verschillende terreinen. Muziek? Ik dacht dat ik aardig “current” was, maar dat bleek een illusie. Sport? Ik heb een middagje meegedaan op een ouder-/sportmiddag en loop zes weken later nog rond met pijn in mijn schouder. Met zijn drieën zijn we in september begonnen in een nieuwe gemeente. Normaliter hebben Agnes en ik aardig contact met de jongeren, maar dit keer niet. Voor de jonkies waren we opeens “de ouders van…”. Yikes!

Maar zonder gekheid. 2013 was voor mij wel het jaar waarin ik besefte dat ik geen 20 meer was. Soms lijkt het wel als de dag van gisteren dat ik iets heb gedaan, maar inmiddels ligt die dag 20, 25 of 30 jaar in het verleden. Dat is niet erg. Mijn lichaam heeft misschien wat meer tijd nodig om te herstellen, maar mijn geest heeft alleen maar meer verhalen en fragmenten om te doen wat ik leuk vind. Net als de tram uit het Openluchtmuseum.

Reageren is niet meer mogelijk..

Fragmenten

"Fragmenten" is mijn persoonlijke website, de plek waar ik schrijf over de projecten en thema's waar ik bij betrokken ben, de boeken waar ik aan werk. In mijn leven probeer ik vast te houden aan wat in Psalmen 34:12 staat: "Wie is de man die lust heeft in het leven, die genoeg dagen liefheeft om het goede te zien?". Of het nu gaat om open ICT, digitale geletterdheid, interculturalisatie, of geloof en spiritualiteit, ik wil er mee bezig zijn om het goede te zien. Dat vereist soms, vaak wellicht, een scherp doordringen tot de kern van de zaak, een kritische beschouwing, het wegblazen van stof en slingers.