Hypeocratie

Uitgesteld

Een blanke, in een gekleurde wereld

Uitgesteld

Onderwijsvernieuwing: mens of technologie?

Drieëntwintig jaar geleden begon ik te werken in het omvangrijkste programma voor onderwijsvernieuwing op Curaçao sinds de invoering van de Mammoetwet. Onder aanvoering van een –ik mag wel zeggen- sluwe directeur van de schooladviesdienst en een gedreven onderwijskundige probeerden we het lager onderwijs, het voortgezet onderwijs en het middelbaar beroepsonderwijs naar een hoger plan te tillen.
De pijlers van het programma waren het moderniseren van de leerplannen en lesmaterialen, het mogelijk maken van onderwijs in de moedertaal met een stevige inzet op vreemde talenonderwijs en –essentieel- het beter toerusten van de leerkrachten. Zij deden het meeste werk bij het opstellen van de leerplannen, bij het schrijven van nieuwe lesmethoden, met een kwaliteitsborging vanuit het SLO. Het (toen nog) VBO werd op Curaçao eerder ingevoerd dan in Nederland. 

De eerste resultaten waren positief: meer zelfvertrouwen bij de leerlingen, betere leerprestaties.
Centraal in de onderwijsvernieuwing stond de leerkracht en zijn/haar inzet om zo goed mogelijk onderwijs te kunnen geven. De nieuwe lesmethoden waren prima, maar de vraag was vooral naar meer tijd met de leerlingen en minder leerlingen per klas.
Helaas kwam van het vernieuwingsprogramma veel minder terecht dan wat de bedoeling was. Politiek-bestuurlijke onkunde aan de Curaçaose kant en beschamend neo-kolonialisme aan de Nederlandse kant hebben de vernieuwing om zeep geholpen. Een voorbeeldje van het laatste: we mochten Nederlandse financiering niet gebruiken om hoogwaardig, aanvullend lesmateriaal aan te schaffen in het Caraïbisch gebied, wel om uit Nederland erg dure en niet-passende lesmethoden af te nemen. 

De vruchten van een mislukte onderwijsvernieuwing 

Medio 2001 ging ik in Nederland aan de slag bij een Antilliaanse organisatie voor maatschappelijk werk. En werd ik geconfronteerd met de gevolgen van een mislukte onderwijsvernieuwing. Jonge mensen die eigenlijk ‘mijn school’ hadden moeten doorlopen zaten nu in Nederland met onvoldoende scholing, onvoldoende beheersing van het Nederlands, onvoldoende vaardigheden, onvoldoende… van alles eigenlijk. De daaropvolgende tien jaar zag ik vele honderden cliënten per jaar voorbij komen met soortgelijke verhalen. Het Antillianenprobleem, zo werd het genoemd. Overheden staken miljoenen euro’s in de aanpak van zogenaamde ‘multiproblemgezinnen’. Het meeste geld ging niet naar de daadwerkelijke begeleiding, maar naar de vele, vele ambtenaren die projectvoorstellen moesten beoordelen, goedkeuren, monitoren, et cetera. Met natuurlijk een regelmatig reisje naar Curaçao om ‘kennis te delen’. 

De verantwoordelijke maatschappelijk werkers wilden eigenlijk niets anders dan meer tijd voor hun cliënten en een kleinere caseload. Niet veel anders dan de leerkrachten op Curaçao. 

Mens of technologie? 

Inmiddels ben ik aan een ‘derde carrière’ begonnen en hou ik mij (onder andere) bezig met de meerwaarde van (technologische) vernieuwingen, met meer dan gemiddelde aandacht voor het onderwijs. Sinds 1991 zijn tal van technologische en (pseudo-)didactische vernieuwingen de scholen in geduwd. Nou ja, ‘vernieuwingen’… Ongeacht de verpakking kwamen de vernieuwingen vaak op hetzelfde neer. In plaats van het realiseren van meer tijd met en voor de leerling in kleinere groepen zorg(d)en meerdere technologische en (pseudo-)didactische vernieuwingen voor (1) een grotere afstand tussen leerkracht en leerling; (2) verminderden ze de contacttijd en (3) resulteerden ze in grotere in plaats van kleinere klassen. Uiteraard zouden de vernieuwingen beter zijn voor de leerlingen, voor de kwaliteit van het onderwijs, meer aansluiten bij de belevingswereld van de jongere generaties. En? Heeft het dat ook opgeleverd? 

Anno 2014 is het beroep van leerkracht verre van aantrekkelijk en moet de onderwijsinspectie constateren dat we weinig gemotiveerde leerlingen in de klassen hebben zitten. Misschien dat MOOC’s, iPadscholen en geflipte klassen daar een keer in kunnen brengen? O, wacht even… 

Toch maar terug naar de essentie? 

In 1991 stonden we aan de vooravond van het grootschalig gebruik van computers en het internet. Consumententechnologie is vele malen krachtiger, nuttiger en handiger dan 23 jaar geleden. Maar –wat mij betreft- is de essentie van onderwijs nog steeds de persoonlijke interactie van de leerkracht en de leerling. Natuurlijk moet iedere leerkracht nadenken over de kwaliteit van zijn onderwijs en zich iedere keer weer afvragen of de didactische aanpak, de werkvorm, de vakinhoud nog passend zijn. 

En ja, ik heb vaak genoeg geroepen dat in onderwijsland veel meer aandacht geschonken moet worden aan een nieuwe set competenties en vaardigheden, samengebracht in de term ‘digitale geletterdheid’. Dat bereiken we niet door nieuwe technologie het onderwijs in te duwen, niet door veel gedoe over ‘21st century skills’, niet door nieuwe (pseudo-)didactische hypes te omarmen. 

Nee, mijns inziens is de oplossing het simpelweg beter toerusten van de leerkrachten, ze ‘digitaal geletterd’ maken en ze verder de ruimte te geven om te doen waar ze het best in zijn: les geven, met zoveel mogelijk tijd met en voor de leerling in een niet al te grote groep.

Deze column is eerder gepubliceerd op Surfspace.

2 comments to Onderwijsvernieuwing: mens of technologie?

Fragmenten

"Fragmenten" is mijn persoonlijke website, de plek waar ik schrijf over de projecten en thema's waar ik bij betrokken ben, de boeken waar ik aan werk. In mijn leven probeer ik vast te houden aan wat in Psalmen 34:12 staat: "Wie is de man die lust heeft in het leven, die genoeg dagen liefheeft om het goede te zien?". Of het nu gaat om open ICT, digitale geletterdheid, interculturalisatie, of geloof en spiritualiteit, ik wil er mee bezig zijn om het goede te zien. Dat vereist soms, vaak wellicht, een scherp doordringen tot de kern van de zaak, een kritische beschouwing, het wegblazen van stof en slingers.