Het werd hoog tijd mijn huidige mobiele telefoon (HTC Touch Diamond) te vervangen. Maar hoe ga je dan te werk? Er is keus genoeg, te over zelfs. Uiteindelijk bleven twee kandidaten over: de Motorola Milestone en de Nokia N900. Waarom deze twee? En welke is het geworden?
In mijn boekenkast staat een kleine collectie over Java, C, C++, PHP, HTML, Python, Perl, C#. Zeg maar, het betere programmeerwerk. Programmeren en open source software lijken makkelijk samen te gaan. Je hebt immers gelijk toegang tot de broncode. In de tijd van internet via een 56K6 modem (ja kinders, dat kon toen nog) heb ik in een dolle bui de broncode van de Linux kernel binnen gehaald. En er vervolgens niks mee gedaan. Programmeren is niks voor mij. Zelfs de boeken over shell scripting liggen rustig stof te vergaren.
De website 10.000 Words gaf vandaag toch weer een prikkel na te denken of ik als open source schrijver ‘iets’ met programmaeren moet gaan doen. Mark S. Luckie, schrijver van The Digital Journalist’s Handbook, heeft een handig stroomschema online gezet. Daarmee moet je kunnen bepalen of je als digitale schrijver aan de code moet.
Ik schijn uit te komen bij: ‘Congrats mother Theresa, journalism is the industry for you’. Arm, zonder programmeerkennis.
De klokkenluiderssite Wikileaks krijgt een hoop aandacht. Als je de nieuwsstroom overziet dan zie je berichten over gelekt materiaal, maar ook over geldnood, bedreigingen van één van de oprichters, het onderbrengen van de site in een ‘safe haven’ en over gedoe in de Wikileaks-organisatie. Het lijkt er een beetje op alsof de organisatie Wikileaks meer in het nieuws komt dan het materiaal dat beschikbaar komt via de site.
Vandaag verscheen op CNet een interview met John Young. Young is één van de oprichters van Wikileaks en al jaren medeverantwoordelijk voor Cryptome. Cryptome heeft al een lange geschiedenis als het gaat om het publiceren van gelekte documenten. Ik heb het interview met belangstelling gelezen. Young kraakt een aantal harde noten over Wikileaks (waar hij niet langer deel van uitmaakt). In hoofdlijnen:
- Young heeft geen idee waarom Wikileaks zoveel geld nodig heeft. Voor het in de lucht houden van de site kan het niet zijn.
- De nadruk op geld verandert Wikileaks van een moreel instituut in een bedrijf, en dat tast de integriteit aan.
- Young publiceert al jaren zeer gevoelige documenten waar overheden niet blij mee zijn. Hij heeft een paar keer overheidsfunctionarissen op de stoep gehad en beschrijft de contacten als vriendelijk en correct. Hij snapt ook niet waar de verhalen over ‘harassment’ van Wikileaks medewerkers vandaan komen.
- Wikileaks kan haar belofte tegenover klokkenluiders niet hard maken. De site en de organisatie kan hun anonimiteit niet waarborgen.
And I say, oh-oh. That’s over-promising. The very over-promising is an indication that it doesn’t work. And we know that from watching the field of intelligence and how governments operate. When they over-promise, you know they’re hiding something. People who are really trustworthy do not go around broadcasting how trustworthy I am.
- Het is niet duidelijk hoeveel geld Wikileaks nu echt heeft gekregen en wat er mee wordt gedaan. Young doet daar onderzoek naar en publiceert de bevindingen via Cryptome.
De manier waarop Young Wikileaks beschrijft is bijzonder:
I don’t want to limit this to Wikileaks, but yes, they’re acting like a cult. They’re acting like a religion. They’re acting like a government. They’re acting like a bunch of spies. They’re hiding their identity. They don’t account for the money. They promise all sorts of good things. They seldom let you know what they’re really up to. They have rituals and all sorts of wonderful stuff. So I admire them for their showmanship and their entertainment value. But I certainly would not trust them with information if it had any value, or if it put me at risk or anyone that I cared about at risk.
Of je het er mee eens bent of niet, een dergelijke omschrijving zet je aan het denken. Is het afgunst van de zijde van Young, omdat een nieuwe speler het ‘klokkenluidersdomein’ zo goed weet te bespelen met gebruik van sociale media? Is het uiting van een generatiekloof? Of snijden de argumenten van Young hout en stelt hij de vragen die wij ook zouden moeten stellen?
Mathieu Paapst brengt binnenkort een nieuw boek uit over het werkgeversauteursrecht. Wanneer is de kenniswerker de auteur en wanneer is de werkgever dat? Dat is al een interessant onderwerp.
Mathieu heeft gelijk de Time switch licentie ontwikkeld, een licentie die het traditionele uitgeefmodel en Creative Commons samen voegt. De Time switch licentie geeft aan tot welke datum het creatieve werk onder het klassieke model valt. Na die datum valt het werk automatisch onder een gekozen Creative Commons-licentie. In zijn geval ziet de auteursrechtbepaling er als volgt uit:
Time switch licentie (TS0113/CC-BY)
Alle auteursrechten op dit werk zijn door de auteur voorbehouden tot januari 2013. Na deze datum is op dit werk de volgende licentie van toepassing: Creative Commons, naamsvermelding 3.0
Ik kan me voorstellen dat deze oplossing door de voorstanders van ‘vrije kennis’ niet als ideaal wordt gezien, maar het is een mooie oplossing. Op voorhand is namelijk al bekend wanneer een creatief werk als open content beschikbaar komt.
Dell verkoopt computers met Ubuntu, en daar zijn we al Ubuntu-liefhebbers blij mee. Maar Dell weet volgens mij nog niet hoe ze die Ubuntu-bakken aan de mens moeten brengen. De ene keer schiet het door en lijkt het op Microsoft ‘bashing’. De andere keer slaan ze weer naar de andere kant door.
Op de vraag ‘Windows of Ubuntu?’ wordt door Dell UK het volgende geantwoord:
Kies Windows indien je:
- met Windows programma’s werkt (zoals Microsoft Office of iTunes) en dat wilt blijven doen;
- bekend bent met Windows en niet de moeite wilt doen met nieuwe programma’s voor e-mail, tekstverwerking, etcetera te leren werken;
- net met computers begint te werken.
En dat dan voorzien van het plaatje van Windows XP.
Bij Ubuntu staat dan het volgende:
Kies Ubuntu indien je:
- niet van plan bent Windows te gebruiken
- belangstelling hebt voor open source software ontwikkeling.
Tja, met zulke krachtige argumenten pro Ubuntu moet het toch storm lopen. Ik werk al jaren met Ubuntu. Het is een prima OS voor nieuwe gebruikers (waarom zou je ze eerst Windows moeten leren) en ik heb nog geen zinvolle coderegel bedacht. Dell heeft echt een paar flinke schoppen onder het commerciële achterwerk nodig, want met zulke vrienden heb je geen concurrenten meer nodig.

In de categorie ‘Huishoudelijke mededelingen’.
Begin juli heb ik het domein basiscursusubuntu.nl laten registreren. De Basiscursus Ubuntu heeft het goed gedaan in de verkoop, en ik was eigenlijk verrast dat het domein nog gewoon beschikbaar was. De URL verwijst vooralsnog naar de boekenpagina op mijn site.
Firefox is al geruime tijd mijn standaard webbrowser, zowel thuis als op het werk (met dank aan PortableApps). Jolicloud, draaiend op mijn netbook (Asus 1005P), heeft voor Chromium (het open broertje/zusje van Google Chrome) gekozen. Tal van webapplicaties worden geladen met Chromium en dat bevalt goed. In vergelijking met Firefox is de laadtijd veel korter. De kracht van Firefox was/is natuurlijk ook de enorme hoeveelheid addons. Voor Chrome/Chromium neemt het aantal addons toe. Het viel me op dat ik nu een aantal uitbreidingen heb geïnstalleerd waarbij het niet nodig was de browser opnieuw op te starten.
Scribefire was zo’n uitbreiding. De afgelopen dagen ben ik aan het spelen gegaan met programma’s voor het schrijven en bewerken van blogberichten. Het eerste artikel ging over BloGTK 2.0, vandaag was Scribefire onder Chromium aan de beurt.
De nieuwe zoekmachine DuckDuckGo werd deze week gelanceerd met als belangrijkste punt: gebouwd op open source software. Catharina Bethlehem (@kletskous op Twitter) ging direct op zoek naar de broncode van de zoekmachine, maar die was niet beschikbaar. Dat maakt het ook lastig om de privacyclaims te verifiëren. Joost Geraets nam maar gelijk contact op met Gabriel Weinberg, de ontwikkelaar.
Gabriel maakte duidelijk dat DuckDuckGo zelf geen open source programma is, maar dat onderdelen op termijn wel open source gemaakt zullen worden. De intentie is natuurlijk mooi, maar een beetje verduidelijking was wel welkom.
Joost vroeg vervolgens door op het gebied van privacy. Het antwoord is zeker positief te noemen. Gabriel wil de gebruikers overtuigen van de goede intenties en staat open voor een onafhankelijke audit.
We hebben de ontwikkelaar ook een ander idee aangereikt. Als je toch gebruik maakt van vrije en open source software, en daar een commerciële onderneming op gaat bouwen, waarom dan niet iets terug geven. Als het geen code kan zijn, waarom dan niet gelijk een vast percentage van de omzet of winst. Dat idee werd ook maar gelijk bij Gabriel neer gelegd. Zijn antwoord:
Oh. Wow I just read this after independently thinking this very thought this morning. Actually I was thinking 10%, of which 25% would be the ones ddg uses and 75% directed to foss projects determined by the users. How do those numbers strike you?
Als ik dit zo lees, dan mag DuckDuckGo nog groter worden dan Google. Dit is precies in lijn met een artikel dat ik recent heb geschreven: ‘Hoe kan ik bijdragen’. Wat mij betreft zou dit een standaard moeten zijn voor bedrijven en overheden die wel van vrije en open source gebruik willen en kunnen maken, maar niet direct op een andere manier kunnen bijdragen.
Leuk, om zo samen te werken met Catharina en Joost. And congrats to Gabriel, for being open.
Als het gaat om programma’s voor het schrijven van blogberichten op de desktop is het toch wat mager. Voor Windows blijft het Windows Live Writer voor mij een winnaar (onderdeel van Windows Live Essentials). Op een Linux desktop gaat de hoofdprijs naar Blogilo, voorheen Bilbo Blogger. Blogilo is goed genoeg geworden om deel uit te maken van het officiële KDE-project. Een derde mogelijkheid waar ik enthousiast over ben is de Scribefire plugin voor Firefox.
Een ander programma is BloGTK. Het kwam weer op mijn radar door een berichtje dat versie 2.0 beschikbaar was voor Ubuntu Lucid Lynx. Nu draai ik op mijn netbook Jolicloud pre-final en dat is gebaseerd op Jaunty Jackalope. Zo te zien is daar geen .deb voor, maar het gebruiken van de tarball (.tgz) en het volgen van de installatieinstructies waren voldoende.
Voor dit bericht ben ik gelijk met BloGTK 2.0 aan de slag gegaan, want al werkend merk je het snelst of het voldoet of niet.
Deze webstek is gebaseerd op WordPress, een open source CMS dat door BloGTK herkend zou moeten worden. De optie om de instellingen automatisch te laten herkennen zorgde direct voor een crash. Het handmatig invoeren van de juiste en complete URL naar het xmlrpc.php bestand bleek noodzakelijk. De eerder genoemde programma’s doen dat een stuk beter, want daar is het invoeren van de domeinnaam (eventueel met subdomein) voldoende. Je kan kiezen hoeveel blogposts binnen worden gehaald en dat werkt prima. Tot op zekere hoogte.
BloGTK is geen WYSIWYG-editor. Je moet zelf de noodzakelijke HTML-code invoeren. De bescheiden knoppenbalk helpt je wel met eenvoudige opmaak (vet, schuingedrukt, uitlijnen, paragrafen, opsomming en nummering), maar niet met het toevoegen van een URL of afbeelding.
Bij het aanmaken van een nieuw bericht worden de categorieën goed zichtbaar. Geen problemen op dat punt. BloGTK is daarmee een prima programma voor het maken van snelle, eenvoudige blogberichten. Maar ook niet meer dan dat. Ik kan me bijna geen online artikelen voorstellen zonder hyperlinks. Om die toe te voegen moet je al gelijk over HTML-kennis beschikken.
BloGTK is geen nieuw programma, het is al sinds 2003 in ontwikkeling. Het biedt ondersteuning voor meerdere blogplatforms. Je kunt meerdere webstekken aan het programma toevoegen en dat is ook een forse verbetering. Het lijkt derhalve een bewuste keuze om de ontbrekende features niet toe te voegen.
Ben je een ervaren HTML-hacker en zoek je een programma voor het schrijven van blogberichten waarbij je wel maximale controle hebt op de code maar je geen zorgen hoeft te maken over de koppeling met je webstek, dan is BloGTK 2.0 aan te raden. Voor bloggers die zich meer op de inhoud dan code willen concentreren zijn er betere programma’s beschikbaar.
Links:
Blogilo: http://blogilo.gnufolks.org/
Windows Live Writer: http://explore.live.com/windows-live-essentials
Scribefire: http://www.scribefire.com/

